Als webdesigner werk je altijd op twee snijvlakken. Ten eerste het snijvlak van kwaliteit en budget. Aan de ene kant staat de klant voor wie je een zo goed mogelijk ontwerp wilt maken. Aan de andere kant is er het budget dat bepaald is aan de hand van je vooraf ingeschatte tijd die je denkt nodig te hebben voor het ontwerp. Hierdoor wil je aan de ene kant zo veel mogelijk tijd hebben om je werk zo goed mogelijk te doen en wil je aan de andere kant zo efficiënt mogelijk met je tijd omgaan om rendabel te blijven.
Ten tweede zit je als ontwerper op het snijvlak van de klant en de programmeur. De ontwerpen die ik maak moeten mijn klant een beeld geven hoe de site er uit gaat zien, navigeert of ’voelt’ en na akkoord moet ik de bestanden aanleveren bij mijn technische man die er ook daadwerkelijk een werkende website van moet kunnen bouwen. Het bestand dat ik maak moet dus makkelijk bewerkbaar zijn om aanpassingen van de klant door te voeren en bruikbaar zijn voor de bouwer die er de layout, kleuren, fonts en afbeeldingen uit kan halen om het om te zetten naar html, css, jpg’s, svg’s etc.
Tot een jaar of zeven geleden maakte ik al mijn ontwerpen in Photoshop. Voor elke webpagina maakte ik een Photoshopbestand waarin ik tot op de pixel nauwkeurig mijn menu’s, teksten, foto’s en illustraties opbouwde tot een voor de klant te beoordelen ontwerp. De keuze voor Photoshop was eigenlijk geen keuze. Als fotobewerkingssoftware was het het enige volwassen softwarepakket dat met pixels werkte in plaats van vectoren, millimeters of picapunten. Ook voor de programmeur was dit een acceptabel bestandsformaat omdat hij alle benodigde elementen uit het Photoshopbestand kon halen die gelijk de juiste grootte, resolutie en kleuren hadden.
Hoewel mijn Photoshopbestanden er voor de klant overzichtelijk uitzagen, waren ze dat onder de motorkap absoluut niet. Een simpele website bestond als snel uit een paar honderd lagen waarbij elke aanpassing een tijdrovende bezigheid was. Een kleuraanpassing kon niet gedaan worden door het aanpassen van een enkele ‘swatch’ maar door elk element die de specifieke kleur had te zoeken in de lagen en handmatig aan te passen naar de nieuwe kleur. Het aanpassen van teksten, het updaten van afbeeldingen, het verplaatsen van objecten, het verschuiven van hulplijnen, alles kostte zeeën van tijd. Daar kwam bij dat je voor elke pagina een eigen bestand moest maken omdat Photoshop geen meerdere pagina’s ondersteunt in één bestand (sinds 2015 heeft het wel ‘artboards’). Elke aanpassing die in één bestand al tijdrovend was, moest dan nog een aantal keer herhaald worden voor alle subpagina’s.


Ja en Nee. De pagina’s zijn zeker te ontwerpen voor web. Ik kan alle eenheden in pixels zetten, alle kleuren in rgb, webfonts gebruiken, afbeeldingen in hoge resolutie toevoegen voor retina schermen etc. Net als mijn bestanden voor drukwerk vormt mijn Indesign bestand nu een container voor alle elementen die ik wil gebruiken voor webpagina’s. Ik kan terugkerende elementen (menubalken, logo’s, headers, footers etc.) in een basispagina zetten zodat ik die niet elke keer opnieuw hoef te maken. Correcties of aanpassingen zijn door te voeren met één druk op de knop en als ik voor klanten het ontwerp exporteer als jpg geeft dat een 100% correcte weergave van hoe ik het ontwerp bedoel.
Maar websites maken doe je niet alleen. Als ik mijn ontwerpen aflever bij de programmeur, moet hij er wel mee uit de voeten kunnen. Hij zal mijn Photoshop- of Indesignbestand moeten kunnen gebruiken om er de kleuren, fonts, logo’s, coördinaten etc. uit te halen. En dat gaat vanuit beide programma’s op nagenoeg dezelfde manier. De werkwijze voor de programmeur verandert daarmee niet, het kan alleen even wennen zijn om de informatie uit Indesign te halen in plaats van uit Photoshop.
Er zijn natuurlijk nog veel meer programma’s voor het ontwerpen, ontwikkelen of bouwen van websites. Alleen al Adobe heeft met Muse, Animate, Reflow, XD, FireWorks en DreamWeaver verschillende pakketten voor verschillende webtoepassingen. Photoshop is voor het ontwerpen van webpagina’s echter geen optie meer. Het is te omslachtig, te beperkt en te tijdrovend. Als ik het ontwerp voor een programmeur om wat voor reden dan ook zou moeten aanleveren in Photoshop, zou ik het traject met de klant nog altijd in Indesign doen. Het ontwerp na akkoord van de klant voor de programmeur alsnog namaken in Photoshop kost in totaal nog steeds minder tijd dan ook het hele ontwerptraject in Photoshop doorlopen.
Indesign is zeker niet de heilige graal voor het ontwerpen van websites. Maar tenzij Adobe (of een andere ontwikkelaar) met een geschikt webdesignprogramma komt, is Indesign wel de meest efficiënte. Het voelt een beetje alsof nu kiezen voor Indesign net zo weinig keuze is als jaren geleden kiezen voor Photoshop.
Verdeel en heers
Deel via de bekende kanalen.